Korsetten voor lichaam en geest

Het Museum voor het Kostuum en de Kant, met zijn hoepelrokken, vormde de thuisbasis voor een pilootproject rond cultuurparticipatie. Vertrekkend van de lopende tentoonstelling nodigde de dienst Cultuur, in samenwerking met het Centre Exil, 8 vrouwen uit om hun eigen “Korsetten voor lichaam en geest” te ontwerpen.

Om cultuur toegankelijk te maken voor iedereen, ook voor de meest kwetsbare doelgroepen, organiseert de dienst Cultuur drempelverlagende activiteiten. Die worden voorgesteld op de plaatsen en culturele evenementen die verbonden zijn met de Stad Brussel, in navolging van Nuit Blanche.

Een van die activiteiten is een gloednieuw project. Korsetten voor lichaam en geest vertrekt vanuit de tentoonstelling Crinolines & Cie, de bourgeoisie in vol ornaat, 1850-1890 die in het Museum voor het Kostuum en de Kant loopt. Het project is tot stand gekomen in samenwerking met het Centre Exil, een medisch-psychosociaal centrum voor mensen die het slachtoffer zijn van schendingen van de rechten van de mens en foltering, en voor mensen op de vlucht. 8 vrouwen uit Ethiopië, Iran, Madagaskar, Sierra Leone, Rwanda, Armenië, de Centraal-Afrikaanse Republiek en Algerije hebben besloten om deel te nemen aan het project. Sommigen van hen komen al lang in het centrum, anderen pas sinds kort.

In tien workshops heeft het team nagedacht over de kledingvoorschriften en sociale codes in de 19e eeuw en vandaag, bij ons en op andere plaatsen in de wereld. In een eerste fase bezochten de vrouwen de tentoonstelling en de Koninklijke Bibliotheek. Dat zijn plaatsen waar zij gewoonlijk niet komen. Met de hulp van de educatieve dienst van de KBB en van het Prentenkabinet is elke vrouw op zoek gegaan naar documenten die laten zien hoe vrouwen uit haar land van herkomst zich kleedden toen bij ons de crinoline in de mode was.

Daarna hebben ze in een atelier in het museum hun eigen jurken gemaakt. Zonder te pretenderen dat ze met een wetenschappelijke precisie aan de slag zijn gegaan, hebben ze toch zo nauwkeurig mogelijk gewerkt. Bij hun naaiwerk kregen ze de steun en het advies van ontwerper Kris Carlier. Nadat hun jurken klaar waren, zijn de vrouwen naar de studio van fotografe Mélanie Peduzzi getrokken om de technieken van de fotografie onder de knie te krijgen en hun eigen fotoportret te maken. Die foto’s werden vervolgens afgedrukt zoals foto’s eind negentiende eeuw afgedrukt werden.

Het orgelpunt van het project was een modeshow in het museum waarbij Kaltoum, Ranja, Jasmine, Mariama, Isabelle, Anna, Chantal en Souhila hun creaties hebben laten zien. In het museum, dat intussen bijna een tweede thuis is geworden, hebben ze ook hun foto’s uitgedeeld. Uiteraard waren de dames tegelijk erg ontroerd en vervuld van trots.

Het project wilde de vrouwen de kans geven om weer voeling te krijgen met hun waarden, hun rijkdommen te herontdekken en het parcours dat ze afgelegd hebben te onderstrepen door na te denken over het lichaam, vrouwelijkheid en identiteit. Samen hebben ze zowel een persoonlijke als een collectieve reis naar het verleden gemaakt, het verleden van hun land van aankomst maar ook dat van het land van herkomst. In de groep waren verschillende nationaliteiten en generaties vertegenwoordigd, om te zorgen voor nog meer uitwisseling, ontmoeting en wederzijdse verrijking.

Het volledige project kon rekenen op de financiële steun van het Fonds Vlinder van de Koning Boudewijnstichting. Dat fonds is bedoeld om sociale en culturele activiteiten en permanente vorming toegankelijker te maken voor vrouwen, vooral dan vrouwen met een migratieachtergrond.

exil_dentelle_peduzzi12

exil_dentelle_peduzzi14

exil_dentelle_peduzzi21

(c) Melanie Peduzzi